De uitstoot van broeikasgassen daalt nauwelijks meer. Daardoor raakt het Nederlandse doel voor 2030 verder uit beeld en blijft het land nog jarenlang afhankelijk van buitenlandse olie, gas en steenkool. Ook de klimaatambities voor de periode daarna zijn met het huidige beleid niet haalbaar.
Dat concludeert het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in zijn jaarlijkse beoordeling van het klimaat- en energiebeleid. PBL-directeur Marko Hekkert zegt dat de kans om het doel voor 2030 te halen al drie jaar zeer klein is. Voor het eerst onderzocht het planbureau ook de vooruitzichten voor 2040.
"Wat je ziet is echt een enorme kloof tussen de ambitie aan de ene kant en het beleid aan de andere kant", zegt Hekkert. Volgens hem is een stevige aanpassing van het beleid nodig.
Politieke onzekerheid
Het PBL wijst politieke wisselingen aan als een belangrijke oorzaak van de stagnatie. Kabinetten veranderden de afgelopen jaren regelmatig van koers, waardoor maatregelen niet steeds en langdurig werden uitgevoerd. Daardoor nemen de emissies niet onafgebroken af en stellen bedrijven investeringen uit.
Minister Van Veldhoven van Klimaat en Groene Groei erkent dat gebrek aan stabiliteit. "Stabiliteit van beleid is voor iedereen belangrijk", zegt zij. Volgens de minister kunnen bedrijven dan beter inschatten welke investeringen nodig zijn en worden burgers minder onzeker over de gevolgen van beleidswijzigingen.
Het planbureau pleit voor ambitieuzere maatregelen in Nederland en de Europese Unie. Tegelijkertijd verschuift de politieke aandacht naar onderwerpen als defensie en de concurrentiepositie van Europese industrie. Europese voorstellen om het klimaatbeleid te versoepelen kunnen die spanning verder vergroten.
Netcongestie remt verduurzaming
Naast politieke keuzes zijn er praktische knelpunten. Het elektriciteitsnet is op veel plaatsen vol, terwijl nieuwe kabels en hoogspanningsstations niet snel genoeg worden aangelegd. Tienduizenden bedrijven en huishoudens wachten daardoor op een aansluiting of uitbreiding van hun aansluiting.
Ook de aanleg van waterstofleidingen en projecten voor het afvangen en opslaan van broeikasgassen loopt vertraging op. Vooral de zware industrie kan daardoor moeilijk verduurzamen. Een tekort aan technisch personeel en langdurige vergunningprocedures maken de problemen groter.
In de vervoerssector is de ontwikkeling wel gunstiger. Elektrische auto’s, bussen en vrachtwagens worden sneller ingevoerd en diesel wordt vaker gemengd met biobrandstoffen. Het PBL acht de kans daardoor groter dat deze sector zijn klimaatdoelen haalt. Ook de hoge brandstofprijzen kunnen de overstap naar elektrisch rijden versnellen, al waarschuwt Van Veldhoven dat die overgang voor alle groepen bereikbaar moet blijven.



