Nederland krijgt voorlopig geen landelijke of bovenregionale maatregelen tegen de aanhoudende droogte. Dat is besloten in overleg tussen ministeries, waterschappen, Rijkswaterstaat, drinkwaterbedrijven en provincies.
De Rijn heeft bij meetpunt Lobith inmiddels de laagste waterstand ooit bereikt. Ondanks die uitzonderlijk lage stand is er nog voldoende drinkwater beschikbaar. Wel is Nederland sinds 16 juli in fase 2 van de landelijke droogteaanpak, wat betekent dat sprake is van een feitelijk watertekort.
De droogte houdt al enkele weken aan. Warme temperaturen, lage rivierstanden en een groeiende vraag naar water versterken het tekort aan zoet water.
Regionale verschillen
De gevolgen verschillen sterk per regio. Daarom kunnen waterschappen en andere regionale beheerders wel aanvullende maatregelen nemen, afhankelijk van de beschikbare hoeveelheid zoet water in hun gebied.
De inzet is gericht op een zo doelmatig mogelijke verdeling van het beschikbare water. Ook proberen beheerders water langer vast te houden, onder meer met noodpompen. Daarmee moet worden voorkomen dat water te snel naar zee stroomt.
De maatregelen hebben ook gevolgen voor de scheepvaart. Schippers moeten bij sommige sluizen langer wachten, omdat het schutten van schepen water kost. Het sluiscomplex bij Eefde in Gelderland is volledig gesloten. Daardoor is scheepvaart vanuit de IJssel naar de Twentekanalen niet mogelijk.
Het overleg over de droogtesituatie vindt sinds 16 juli wekelijks plaats. De betrokken organisaties beoordelen daarbij de waterbeschikbaarheid, de vraag naar water en de noodzaak van verdere maatregelen. Vooralsnog blijft de aanpak beperkt tot regionale ingrepen en het zorgvuldig verdelen van het beschikbare zoete water.



