Het kabinet wil de huur van sociale huurwoningen voortaan niet alleen laten afhangen van het inkomen, maar ook van het vermogen van de huurder. Verhuurders zouden jaarlijks de financiële situatie van hun huurders moeten laten controleren. Wie veel spaargeld, beleggingen of woningbezit heeft, kan daardoor een hogere huur krijgen of geen sociale huurwoning meer toegewezen krijgen.
Minister Elanor Boekholt-O’Sullivan van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening wil hiermee het zogenoemde scheefwonen aanpakken. Volgens het kabinet wonen ongeveer 177.000 huishoudens in een sociale huurwoning die relatief goedkoop is in verhouding tot hun inkomen. Sociale huurwoningen zijn bedoeld voor mensen die niet kunnen kopen en niet terechtkunnen in de middenhuur of vrije sector.
Grenzen voor vermogen
De plannen maken onderscheid tussen drie vermogenscategorieën. Wie minder dan 118.714 euro bezit, blijft een woning huren tegen de geldende huurprijs. Bij een hoger vermogen kan de huur worden verhoogd tot maximaal de sociale huurprijsgrens van 932,93 euro per maand. Boven 237.428 euro zou iemand niet meer in aanmerking komen voor een sociale huurwoning.
Verhuurders krijgen geen inzage in de exacte banksaldi. Zij ontvangen alleen de informatie of een huurder in de categorie laag, midden of hoog vermogen valt. De inkomensafhankelijke huurverhoging, die nu al mogelijk is, wordt volgens het voorstel verplicht.
Huishoudens met een gezamenlijk inkomen vanaf 68.858 euro kunnen momenteel een extra verhoging van 50 euro per maand krijgen. Bij een inkomen boven 93.531 euro gaat het om maximaal 100 euro per maand. De standaardhuurverhoging bedraagt dit jaar 4,1 procent. Niet alle verhuurders passen de extra verhoging toe, onder meer omdat huurders vaak moeilijk kunnen doorstromen naar een andere woning.
Kritiek op de plannen
De Woonbond steunt het doel om de lange wachtlijsten aan te pakken, maar heeft kritiek op de voorgestelde aanpak. „Dit levert heel weinig op, van alle huurders gaat dit om een heel kleine groep”, zegt woordvoerder Mathijs ten Broeke. Volgens hem kunnen ook mensen met een gemiddeld inkomen worden geraakt, bijvoorbeeld als zij aan het einde van hun loopbaan extra hebben gespaard voor hun pensioen.
Ook ouderen die hun koopwoning verkopen en daarna een appartement willen huren, kunnen door de opbrengst boven de vermogensgrens uitkomen. Mogelijke uitzonderingen zijn nodig voor bijvoorbeeld mensen in een scheiding, mensen die overwaarde moeten verdelen en personen die een erfenis voor minderjarigen beheren.
De plannen moeten nog worden goedgekeurd door de Tweede en Eerste Kamer. Het kabinet wil ze mogelijk volgend jaar invoeren.



