Twee van de drie mannen die zijn veroordeeld voor het doodschieten van de 22-jarige Muse in Pannerden gaan in hoger beroep. Ook het Openbaar Ministerie tekent beroep aan tegen de uitspraak over de jongste veroordeelde.
Muse werd op 14 februari 2025 doodgeschoten terwijl hij in een auto zat in Pannerden. Rond de schietpartij werden ook het ouderlijk huis van het slachtoffer en een woning in Zevenaar beschoten. In Zevenaar werd bovendien een explosief een woning in gegooid.
De rechtbank in Arnhem veroordeelde de drie verdachten op 18 juni 2026 tot gevangenisstraffen van twintig en zestien jaar en tot twee jaar jeugddetentie met jeugd-tbs. De destijds minderjarige verdachte kreeg de laagste straf, omdat de rechtbank het jeugdstrafrecht toepaste.
Bezwaar tegen jeugdstrafrecht
Het OM had voor deze verdachte veertien jaar cel en tbs geëist. De aanklager vond dat hij onder het volwassenenstrafrecht moest vallen. De rechtbank besloot anders, omdat hij op het moment van de schietpartij minderjarig was.
Bij het jeugdstrafrecht is de maximale duur van jeugddetentie twee jaar. De rechtbank legde daarnaast de PIJ-maatregel op, ook wel jeugd-tbs genoemd. Zowel het OM als de 19-jarige veroordeelde gaat tegen dit vonnis in beroep.
De behandeling van zijn zaak bij het gerechtshof is in beginsel niet openbaar. Rechtszaken tegen minderjarige verdachten worden achter gesloten deuren behandeld. Alleen in uitzonderlijke gevallen kan een rechtbank of hof daarvan afwijken.
De 28-jarige man die twintig jaar cel kreeg, heeft eveneens hoger beroep ingesteld. De rechtbank beschouwde hem als de leider binnen de groep en legde hem daarom de zwaarste straf op. Ook woog mee dat hij eerder voor geweldsdelicten was veroordeeld, nog in een proeftijd liep en volledig toerekeningsvatbaar was bevonden.
De man die zestien jaar gevangenisstraf kreeg, heeft geen hoger beroep ingesteld. Zijn veroordeling staat daarmee vast.
In hoger beroep beoordeelt het gerechtshof de zaken opnieuw, met drie andere rechters. Binnen drie maanden wordt eerst een pro-formazitting verwacht. Wanneer de inhoudelijke behandeling plaatsvindt, is nog niet bekend.



