Het gerechtshof in Arnhem heeft bewezen verklaard dat Sam van Z. in 2022 twee studentes in Utrecht heeft verkracht. De 25-jarige man kreeg daarvoor een gevangenisstraf van dertig maanden, waarvan 23 maanden voorwaardelijk. Omdat hij al zeven maanden in voorarrest zat, hoeft hij niet terug naar de gevangenis.
De eerste verkrachting vond plaats op 16 september 2022. De vrouw had Van Z. na een avond uit in de Utrechtse binnenstad ontmoet en ging vrijwillig met hem mee naar huis. Nadat zij had aangegeven niet verder te willen, dwong hij haar volgens het hof hardhandig om door te gaan.
Na haar aangifte kwamen nog twee meldingen binnen over dezelfde verdachte. Een van de vrouwen verklaarde dat zij tijdens de seks pijn had, maar dat Van Z. desondanks doorging. Een andere vrouw zei dat zij geen seks wilde en vroeg hem te stoppen. Na een van de verkrachtingen had een slachtoffer blauwe plekken.
Straf lager dan geëist
Het hof hield bij de straf rekening met het feit dat er in beide bewezen verklaarde gevallen aanvankelijk sprake was van wederzijdse instemming. De rechters vonden de zaken daardoor anders dan verkrachtingszaken waarbij vanaf het begin dwang wordt gebruikt. Ook wogen de jeugdige leeftijd van Van Z. en de gevolgen van de strafzaak voor zijn leven mee.
Het Openbaar Ministerie had ruim vier jaar gevangenisstraf geëist. Het hof zei de strafmaat uitgebreid te hebben afgewogen. Daarbij benadrukten de rechters dat zij de gevolgen voor de slachtoffers zien en dat de persoonlijke omstandigheden van Van Z. niets afdoen aan de ernst van de feiten.
Van Z. studeerde ten tijde van de feiten in Utrecht en was lid van het Utrechtsch Studenten Corps. Hij werd in februari 2023 aangehouden. Sindsdien heeft hij zijn studie beëindigd en zijn sociale omgeving in Utrecht achtergelaten. De reclassering adviseerde hem niet opnieuw naar de gevangenis te sturen.
De rechtbank veroordeelde Van Z. in 2024 tot drie jaar cel, waarvan een jaar voorwaardelijk. Zowel het Openbaar Ministerie als de verdachte ging tegen die uitspraak in hoger beroep. De rechtbank had hem eerder vrijgesproken van een derde verkrachting wegens gebrek aan bewijs. Die zaak is in hoger beroep niet opnieuw behandeld.



