Het Openbaar Ministerie ziet af van strafvervolging van de arts die vorig jaar het leven beëindigde van een ernstig zieke peuter. Het OM volgt daarmee het oordeel van een beoordelingscommissie, die concludeerde dat de arts volgens de zorgvuldigheidseisen had gehandeld.
Het ging om een kind van bijna 2 jaar. De peuter was extreem vroeg geboren en liep door complicaties na de geboorte ernstige hersenschade op. Daardoor had het kind meerdere epileptische aanvallen per dag, kon het niet praten en nauwelijks zien en had het regelmatig last van hoestbuien en een slikstoornis. Dat veroorzaakte voortdurende benauwdheid.
De behandelend arts en artsen uit andere regio's kwamen tot de conclusie dat het lijden ondraaglijk en uitzichtloos was. Medicatie bracht geen verlichting. De levensbeëindiging vond eind vorig jaar plaats.
Eerste toepassing van de regeling
Sinds 2024 mogen artsen in Nederland onder voorwaarden het leven beëindigen van kinderen tussen 1 en 12 jaar die uitzichtloos en ondraaglijk lijden. Nederland is het eerste land met zo'n regeling. Deze casus was de eerste keer dat de regeling werd toegepast.
De behandelend arts zegt opgelucht te zijn over het besluit van het OM. "Als arts zit je in een uiterst kwetsbare positie, omdat dit nooit eerder is voorgekomen. Het voelt toch alsof er bijna een jaar lang een zwaard van Damocles boven je hoofd hangt."
Volgens de arts kan het oordeel ook ouders helpen die in een vergelijkbare situatie zitten. "Ik denk dat er ouders rondlopen die de optie van levensbeëindiging nooit eerder hebben durven bespreken. Hopelijk geeft deze uitspraak steun aan deze ouders om deze optie met hun behandelend arts te bespreken."
De arts noemt de regeling ook een vorm van gelijkwaardigheid voor kinderen. Volwassenen kunnen euthanasie aanvragen, terwijl kinderen met vergelijkbaar ernstig medisch lijden die mogelijkheid eerder niet hadden.
Kinderarts en hoogleraar kinderpalliatieve zorg Eduard Verhagen, die betrokken was bij de regeling en advies gaf in deze zaak, noemt het oordeel belangrijk voor de arts en de ouders. Zij hebben volgens hem lang in onzekerheid gezeten.
Verhagen vindt dat de procedure sneller moet. Voor de beoordelingscommissie waren termijnen afgesproken, maar niet voor het OM. "Mijn advies is: laten we die tijd tussen het oordeel van de commissie en van het OM zo kort mogelijk houden want de arts en ouders zitten in onzekerheid. Dit kan en moet echt sneller."



