NASA werkt aan de PRIMA-ruimtetelescoop, die met Nederlandse technologie een grotendeels onbekend deel van het heelal moet onderzoeken. SRON en de Rijksuniversiteit Groningen ontwikkelen samen een gevoelig kleurenfilter voor een van de instrumenten. Ook de TU Delft doet mee aan het project.
De telescoop gaat ver-infrarood licht meten. Dat is warmtestraling die onder meer afkomstig is van gaswolken waarin planeten ontstaan en van de vroegste sterrenstelsels. Omdat vrijwel alle warme objecten deze straling uitzenden, kan een gewone telescoop zichzelf daarbij als het ware verblinden.
Gekoelde spiegel en licht filter
PRIMA moet dat probleem oplossen met een spiegel die sterk wordt gekoeld. Daardoor moet de telescoop zeer zwakke bronnen kunnen waarnemen die met eerdere instrumenten buiten bereik bleven. NASA verwacht dat PRIMA tussen de 1000 en 100.000 keer gevoeliger wordt dan eerdere telescopen.
Het Groningse kleurenfilter maakt het mogelijk om vast te stellen welke stoffen aanwezig zijn in sterrenstelsels, gaswolken en planeten. Volgens Erik Arends van SRON is het filter een noodzakelijke schakel in het instrument. „Zonder kleurenfilter werkt het hele instrument niet”, zegt hij.
Het filter heeft volgens Arends bovendien een voordeel boven een traditioneel prisma: de camera kan lichter en compacter blijven. Dat is belangrijk bij een ruimtemissie, omdat een zwaardere camera ook een zwaardere constructie en meer raketbrandstof vereist. „Het is een sneeuwbaleffect”, aldus Arends.
Onderzoek naar het vroege heelal
Met de missie willen onderzoekers meer te weten komen over het ontstaan van de eerste sterrenstelsels, de wisselwerking tussen zwarte gaten en hun sterrenstelsels en de vorming van planeten. „We gaan dingen ontdekken die we nog niet kennen, omdat we ze het heelal nooit echt goed hebben kunnen zien in deze kleuren”, zegt Arends.
NASA bouwt de telescoop. Een wetenschappelijk instrument wordt in Frankrijk ontwikkeld door een internationaal consortium, waarin Nederland vertegenwoordigd is door SRON, de Rijksuniversiteit Groningen en de TU Delft. De contracten voor de daadwerkelijke ontwikkeling zijn nog niet ondertekend.
De lancering van PRIMA staat gepland voor 2033.



