De derde etappe van de Ronde van Spanje is kort voor het einde stilgelegd door extreem noodweer. Op de slotklim Col de Mont-Louis kregen de renners te maken met zware regenval, hagel en onweer. Een groot deel van het peloton besloot daarop niet verder te rijden.
De renners zochten beschutting langs de route. Een groep ging een café binnen, waar zij bibberend wachtten op duidelijkheid over het vervolg. Ze kregen mondjesmaat handdoeken aangereikt. Tadej Pogacar, die in de rode leiderstrui reed, wees andere renners op een plek waar ze konden schuilen.
De wedstrijdorganisatie legde de etappe aanvankelijk stil en sloot zich daarmee aan bij de beslissing van de renners. Kort daarna werd bekend dat de rit definitief was afgelast. Daarmee kwam er geen winnaar van de etappe en werd de geplande finale niet uitgereden.
Gevaarlijke omstandigheden
De weersomstandigheden waren vooral op de slotklim gevaarlijk. Op beelden was te zien dat water over de weg stroomde en dat medewerkers hagel van de finishlijn veegden. De renners moesten na de klim bovendien nog afdalen, wat de situatie extra riskant maakte.
De koers lag stil toen nog ongeveer 15 kilometer resteerde. De renners waren op dat moment bezig aan de beklimming van de Col de Mont-Louis. Daarna zouden zij eerst afdalen en vervolgens nog ongeveer 10 kilometer klimmen naar de finish in Font Romeu.
Voor de onderbreking reed de Luxemburger Mats Wenzel vooraan. Hij maakte deel uit van een vroege ontsnapping en had nog een beperkte voorsprong op het peloton. De ploeg van Pogacar had eerder op de dag de controle in het peloton gehouden.
Ook de Nederlander Timo Roosen zat in de kopgroep. De zes vluchters hadden op het vlakke deel van de etappe maximaal ongeveer drie minuten voorsprong. Kort voor het begin van het zwaarste klimwerk was dat verschil teruggelopen tot minder dan twee minuten.
De afgelasting volgde nadat de renners zelf waren gestopt. De organisatie maakte vervolgens duidelijk dat de derde etappe niet meer zou worden hervat.



