Nederlandse economie groeit 0,4 procent in tweede kwartaal

De Nederlandse economie is in het tweede kwartaal van 2026 met 0,4 procent gegroeid. Vooral hogere uitgaven van huishoudens en de overheid droegen bij aan de groei.

Winkelend publiek loopt langs kantoren in een Nederlandse stadswijk
Winkelend publiek loopt langs kantoren in een Nederlandse stadswijk · Beeld: Netgebeurd (AI-illustratie)

De Nederlandse economie groeide in het tweede kwartaal van 2026 met 0,4 procent vergeleken met de eerste drie maanden van het jaar. In het eerste kwartaal bedroeg de groei 0,3 procent.

Op jaarbasis was de economie 1,3 procent groter dan in het tweede kwartaal van 2025. De cijfers zijn een eerste raming van het Centraal Bureau voor de Statistiek en kunnen nog veranderen.

Huishoudens gaven meer uit, onder meer aan auto's en voedings- en genotmiddelen. Ook de overheidsconsumptie nam met 0,4 procent toe, vooral door hogere zorguitgaven en oplopende loonkosten.

De investeringen stegen met 0,5 procent. Bedrijven investeerden vooral meer in elektrotechnische apparatuur, terwijl de investeringen in de bouw juist daalden.

Handel en industrie groeien

De sector handel, horeca, vervoer en opslag leverde de grootste bijdrage aan de economische groei. De toegevoegde waarde in deze sector nam met 1,8 procent toe, waarbij de handel de voornaamste aanjager was.

De industrie groeide met 1,5 procent. Vooral de machine-industrie en de aardolie-industrie lieten een toename zien.

De uitvoer van goederen en diensten nam met 1,2 procent toe, onder meer door meer export van machines en voedingsmiddelen. De invoer steeg echter met 1,4 procent, waardoor het handelsoverschot licht kleiner werd.

Het CBS publiceert op 23 september een tweede berekening van de economische groei. Die kan op basis van aanvullende gegevens worden aangepast. Historisch verschilde de tweede raming gemiddeld ongeveer 0,2 procentpunt van de eerste schatting.

Lees ook