Fragment lag jarenlang ongezien in collectie
Papyroloog en docent Grieks Mark de Kreij ontdekte het fragment tijdens onderzoek naar een collectie antieke manuscripten van de Universiteit Utrecht. Het stukje papyrus is 6,6 centimeter breed en 7,7 centimeter hoog. Het is verkleurd, bevat vochtvlekken en is beschreven met zeer kleine letters.
De universiteit verwierf de collectie ongeveer zeventig jaar geleden van een erfgenaam van de Duitse wetenschapper Carl Schmidt. Een deel van de verzameling bestaat uit Koptische teksten, die eerder uitgebreid zijn onderzocht. De Griekse papyri kregen veel minder aandacht. In dat deel lag het fragment van De Odyssee, zonder dat iemand het had geïdentificeerd.
De Kreij vond het stuk naar eigen zeggen al een jaar of twee geleden. Door de stijl van het schrift kon hij vaststellen dat het in de derde of vierde eeuw na Christus is geschreven. Dat maakt het ongeveer 1700 jaar oud. Omdat hij ook Grieks doceert, herkende hij snel dat de tekst uit het werk van Homerus kwam.
Verhaal over het vee van de zonnegod
Het fragment bevat verzen uit het twaalfde boek van De Odyssee. Daarin eten de mannen van Odysseus het heilige vee van de zonnegod Helios. Helios is woedend en vraagt oppergod Zeus om in te grijpen. Zeus veroorzaakt vervolgens een zware storm, waardoor het schip van Odysseus vergaat en zijn bemanning omkomt.
De gevonden passage vormt daarmee een belangrijk keerpunt in het verhaal. Volgens De Kreij is het niet toevallig dat juist dit deel bewaard is gebleven. Een boek slijt meestal van buiten naar binnen, waardoor het midden van een tekst relatief lang intact kan blijven.
Fragmenten uit De Odyssee zijn op zichzelf niet uitzonderlijk. Toch noemt de Universiteit Utrecht de vondst bijzonder. Wereldwijd zijn naar schatting ongeveer dertig vergelijkbare fragmenten uit deze periode overgebleven. Perkamenten stukken uit de vierde eeuw na Christus zijn schaars, en literaire teksten uit die tijd zijn nog zeldzamer.
In de Utrechtse universiteitsbibliotheek liggen ook oudere teksten. Zo bevindt zich daar een document uit de zesde eeuw voor Christus, ongeveer 2700 jaar oud, dat in meerdere kleine delen is teruggevonden. Het nieuw ontdekte fragment van De Odyssee is jonger, maar geeft wel een zeldzame inkijk in de verspreiding en het gebruik van Homerus' werk in de oudheid.



