De zomerse methaanuitstoot uit de Siberische permafrost is in dertien jaar tijd verdubbeld. Onderzoekers concluderen dat het ontdooien van de bodem door de stijgende temperaturen de belangrijkste oorzaak is. De extra uitstoot kan de opwarming van de aarde verder versterken.
Methaan is een krachtig broeikasgas en draagt, net als koolstofdioxide, bij aan klimaatverandering. Ongeveer een derde van de wereldwijde opwarming tot nu toe hangt samen met methaan. Het gas blijft minder lang in de atmosfeer dan CO2, waardoor een daling van de uitstoot relatief snel effect kan hebben op de temperatuurstijging.
Warme en natte bodem
In de Siberische bodem liggen grote hoeveelheden bevroren plantenresten opgeslagen. Zodra de bodem ontdooit, kunnen bacteriën dit materiaal afbreken en daarbij methaan produceren. In het westen van Siberië is de grond de afgelopen jaren warmer en natter geworden, omstandigheden waarin die bacteriën goed gedijen.
In het drogere oosten spelen hittegolven en grote natuurbranden een rol bij de extra uitstoot uit de bodem. Jorien Vonk, hoogleraar aardwetenschappen aan de Vrije Universiteit Amsterdam, zegt dat de ontwikkeling een deel van de mondiale toename van methaan verklaart. In recente jaren met hoge uitstoot was Siberië goed voor ruim 10 procent van die wereldwijde stijging.
Moritz Langer, permafrostonderzoeker aan de Vrije Universiteit, benadrukt dat de totale Siberische uitstoot nog altijd beperkt is naast alle bronnen wereldwijd. Methaan komt onder meer vrij door veeteelt, rijstvelden, afvalstorten en de winning van olie en gas. Ook moerassen en meren zijn natuurlijke bronnen van het gas.
Minder metingen in het veld
Het meten van de uitstoot in Siberië is moeilijker geworden. Het gebied is zeer groot en afgelegen, en de coronapandemie belemmerde eerder al veel onderzoek. Sinds de grootschalige Russische invasie van Oekraïne zijn de banden met Russische universiteiten verbroken, waardoor buitenlandse onderzoekers minder vaak in het gebied kunnen werken.
Satellieten, kunstmatige intelligentie en andere technieken vullen een deel van de ontbrekende gegevens aan. Maar onderzoekers hebben metingen op locatie nodig om die methoden te controleren. Vonk noemt het gebrek aan veldwerk schadelijk voor het inzicht in toekomstige veranderingen van de aarde.
Er blijven grote onzekerheden over hoe snel de permafrost verder zal ontdooien en hoeveel methaan daardoor vrijkomt. Juist langdurige metingen in het gebied zijn nodig om snelle en plaatselijke veranderingen tijdig vast te stellen.



