Het kabinet maakt dit jaar in totaal 76 miljoen euro vrij voor het Wereldvoedselprogramma van de Verenigde Naties. De extra 19 miljoen euro moet helpen om hongersnood in Gaza en Soedan te bestrijden en de humanitaire hulp beter op peil te houden.
Minister Sjoerd Sjoerdsma van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking zegt dat Nederland de hulp zo effectief en voorspelbaar mogelijk wil ondersteunen. Gaza blijft volgens het kabinet een van de belangrijkste gebieden voor humanitaire hulp, omdat het aanhoudende geweld en de grootschalige ontheemding daar tot grote tekorten leiden.
Voedselhulp onder druk
Het Wereldvoedselprogramma maakte vorige week bekend dat het de steun aan inwoners van de Gazastrook sterk moest terugschroeven door een tekort aan financiering. Daardoor verloren ongeveer een half miljoen mensen direct toegang tot voedselhulp, meldde de organisatie.
Het kabinet zegt zich daar ernstige zorgen over te maken. Volgens de regering speelt het Wereldvoedselprogramma een belangrijke rol bij het voorkomen van hongersnood in Gaza en andere gebieden waar de voedselvoorziening onder druk staat.
De Nederlandse bijdrage is niet voldoende om het financieringstekort volledig op te lossen. Sjoerdsma roept daarom ook andere landen op meer geld beschikbaar te stellen voor humanitaire hulp. "Ik blijf daarom andere landen oproepen ook meer humanitaire hulp te geven. Dat blijf ik ook benadrukken binnen internationale fora en in gesprekken met mijn collega’s", zegt de minister.
Naast Gaza gaat een deel van de Nederlandse steun naar de bestrijding van hongersnood in Soedan. Ook daar is de humanitaire situatie ernstig en is de voedselhulp afhankelijk van internationale bijdragen. Met de verhoging wil Nederland de hulpverlening via het Wereldvoedselprogramma blijven ondersteunen.



