Op een voormalig voetbalveld in de Oost-Congolese stad Beni wordt een nieuw behandelcentrum voor ebola gebouwd. Artsen zonder Grenzen wil er vanaf 27 juli patiënten opvangen. Het centrum krijgt 32 afzonderlijke kamers.
Beni heeft al een afdeling voor ebolapatiënten in het algemene ziekenhuis, met twintig bedden voor mensen bij wie het virus in een laboratoriumtest is vastgesteld. In de stad zijn tot nu toe 35 besmettingen bevestigd. Beni ligt nabij de provincie Ituri, waar de uitbraak veel groter is.
In heel Congo zijn sinds het begin van de uitbraak in mei meer dan 2.200 ebolabesmettingen vastgesteld en ongeveer 890 mensen overleden. De werkelijke aantallen kunnen hoger zijn, omdat contactonderzoek en laboratoriumtesten moeilijk uitvoerbaar zijn in gebieden met gewapende conflicten en een zwaar belast zorgstelsel.
Vertrouwen onder inwoners
Marcella Kraaij leidt voor Artsen zonder Grenzen de voorbereidingen in Beni en is verantwoordelijk voor de veiligheid van het 35-koppige team. Zij geeft ook rondleidingen aan vertegenwoordigers van het provinciale ministerie van Gezondheid, buurtgroepen en lokale organisaties. Daarmee wil de hulporganisatie duidelijk maken dat ebola behandelbaar is en dat de overlevingskans met zorg groter wordt.
Onder inwoners bestaat wantrouwen over de ziekte en de internationale hulpverlening. Er gaan geruchten rond dat militairen geen ebola zouden krijgen, of dat het virus pas zou zijn verschenen nadat hulporganisaties waren gearriveerd. Kraaij zegt dat angst en onzekerheid bijdragen aan die verhalen.
In de stad hangen waarschuwingen om geen wild vlees te eten en vaak de handen te wassen. Op straat wordt geregeld de lichaamstemperatuur gecontroleerd. Veel inwoners vragen naar vaccinatie, maar tegen de Bundibugyo-variant die nu rondgaat is nog geen vaccin beschikbaar.
Ruimtes voor veilige zorg
Het nieuwe centrum wordt zo ingericht dat patiënten meer privacy hebben dan bij eerdere uitbraken. Zij krijgen kamers met ramen, zodat familieleden hen op veilige afstand kunnen zien. Zorgverleners kunnen patiënten vanuit aparte looproutes observeren en via openingen in muren materialen doorgeven.
De bouw ging snel. Bij aankomst van het team lag er alleen een kaal terrein met betonnen platen en een put van zestig meter diep voor de watervoorziening. Inmiddels staan metalen palen en tentdoeken overeind.
Ook voor medewerkers gelden strenge veiligheidsregels. Teamleden verblijven in afzonderlijke kamers, wassen veelvuldig hun handen en vermijden lichamelijk contact. Beni telt ongeveer 250.000 geregistreerde inwoners, al kan het werkelijke aantal inwoners oplopen tot 400.000.



