Op een voormalige legerkazerne in Storkow, ten oosten van Berlijn, zijn drie buizen gevonden die deel uitmaakten van een geheime spionagetunnel uit de Koude Oorlog. De buizen lagen daar tientallen jaren onder de grond. Ze zijn inmiddels naar Berlijn gebracht.
De tunnel werd in de jaren 50 aangelegd door de Amerikaanse CIA en de Britse geheime dienst SIS. Het bouwwerk liep over een lengte van 450 meter van de West-Berlijnse wijk Rudow naar Altglienicke, dat destijds in de invloedssfeer van de Sovjet-Unie lag. Ruim 300 meter van de tunnel bevond zich aan de Oost-Duitse kant van de grens.
Via de tunnel probeerden de geheime diensten telefoonkabels af te tappen. Het doel was communicatie van de Sovjet-legerleiding te onderscheppen. De operatie bleef echter niet volledig geheim: een Amerikaanse dubbelspion had de Russen over de tunnel geïnformeerd. Zij grepen niet in, omdat ze de dubbelspion niet wilden ontmaskeren.
Bijna een half miljoen telefoontjes
De CIA en SIS gebruikten de tunnel ongeveer elf maanden. In die periode werden bijna een half miljoen telefoongesprekken onderschept. Ongeveer 50.000 geluidsbanden gingen naar de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk, waar honderden medewerkers de gesprekken analyseerden.
In het voorjaar van 1956 ontstond door noodweer een storing aan de telefoonlijnen. Oost-Duitse monteurs ontdekten daardoor de buizen. Het Oost-Duitse deel van de tunnel werd in de maanden daarna afgebroken.
Een deel van de buizen belandde vervolgens bij de kazerne in Storkow. Het Oost-Duitse leger begroef ze daar en gebruikte ze bij oefeningen. Tijdens grondwerkzaamheden kwamen de drie onderdelen opnieuw aan het licht. Samen zijn ze 11 meter lang en wegen ze enkele tonnen.
In 2012 werden bij een andere kazerne al eerder delen van de tunnel gevonden. Daar zou verder worden gezocht, maar dat is volgens de voorzitter van de Berlijnse vereniging Berliner Unterwelten niet meer nodig. De vereniging bewaart gangenstelsels uit de Tweede Wereldoorlog en de Koude Oorlog.
Berliner Unterwelten wil de vondst tentoonstellen. Eén buis komt in het eigen museum te staan, een tweede gaat naar het Berlijnse DDR Museum. Het derde deel moet worden geplaatst op de oorspronkelijke locatie van de tunnel, maar dan boven de grond.



