Daling van arctisch zee-ijs zet opnieuw door

De tijdelijke vertraging in de afname van het arctische zee-ijs is voorbij. Door twee winters met weinig ijs is de dalende trend over twintig jaar weer statistisch significant.

Mensen staan op het arctische zee-ijs, dat de afgelopen jaren verder is afgenomen
Mensen staan op het arctische zee-ijs, dat de afgelopen jaren verder is afgenomen · Beeld: Netgebeurd (AI-illustratie)

De omvang van het winterse zee-ijs in het Noordpoolgebied neemt opnieuw aantoonbaar af. Een periode waarin de krimp van het ijs rond de Noordpool leek te stabiliseren, blijkt een tijdelijke vertraging binnen een veel langere dalende ontwikkeling.

Onderzoekers beoordelen de ontwikkeling over tijdvakken van twintig jaar, zodat jaarlijkse uitschieters minder zwaar wegen. Voor de periode 2005 tot 2025 was vorig jaar geen duidelijke dalende lijn meer zichtbaar. Na twee winters met relatief weinig ijs is die trend nu weer statistisch significant.

Tussen 2024 en 2025 kromp het winterse ijsoppervlak met bijna 6 procent. Dat was de grootste afname die ooit binnen één jaar is gemeten. Vorig jaar bereikte het winterijs bovendien het laagste niveau sinds het begin van de waarnemingen. De afgelopen winter lag het ijsoppervlak maar weinig boven dat dieptepunt.

Tijdelijke vertraging

Hoofdauteur Duo Chan van de Universiteit van Southampton noemt de eerdere stilstand een tijdelijke afzwakking. "Wat begin jaren 2020 leek op een pauze, blijkt nu een tijdelijke vertraging te zijn geweest binnen een langdurige daling", zegt hij.

Waardoor de afname in de afgelopen twintig jaar tijdelijk langzamer ging, staat niet vast. Veranderingen in zeestromingen kunnen daarbij een rol hebben gespeeld. Eerder statistisch onderzoek wees erop dat zulke schommelingen passen bij de natuurlijke variatie binnen het klimaatsysteem en geen verandering betekenen van de langetermijnontwikkeling.

Modelberekeningen laten zien dat het ijsoppervlak in de komende jaren waarschijnlijk klein blijft. Eerdere modellen voorspelden ook dat een periode met een langzamere afname kon worden gevolgd door een fase waarin het ijs sneller verdwijnt. De sterke krimp tussen 2024 en 2025 past bij die verwachting.

Lu Zhou van het Instituut voor Marien en Atmosferisch Onderzoek in Utrecht, die niet aan het onderzoek meewerkte, zegt dat de uitkomst aansluit bij de verwachtingen in het vakgebied. "Dit ligt volledig in lijn met mijn verwachtingen en die van mijn onderzoeksveld. We hadden verwacht dat het ijs verder in omvang zou afnemen."

De nieuwe analyse gaat uitsluitend over de winter, wanneer het zee-ijs zijn grootste omvang bereikt. In september bereikt het arctische ijs gewoonlijk zijn jaarlijkse minimum. Of ook het zomerijs weer een duidelijk dalende trend laat zien, moet nog blijken.

Dat zomerijs is belangrijk voor het klimaat doordat het witte oppervlak zonlicht terugkaatst. Minder ijs betekent dat de donkere oceaan meer warmte kan opnemen, wat de opwarming verder kan versterken.

Lees ook