In de Spaanse exclave Ceuta verblijven naar schatting 5000 tot 7000 migranten, onder wie ongeveer 1200 minderjarigen. Het stadsbestuur verwacht dat de minderjarigen over twee tot drie maanden naar het Spaanse vasteland kunnen worden gebracht.
De jongeren krijgen in de tussentijd onderdak in twee schoolgebouwen. De reguliere opvang in Ceuta is berekend op negentig minderjarigen en kan de huidige groep niet opvangen.
Bij de massale oversteek vanuit Marokko vorige week kwamen ongeveer 72.000 mensen Ceuta binnen. Het grootste deel van hen is inmiddels teruggekeerd. Bij de oversteek zouden ongeveer 150 mensen zijn omgekomen.
Vrees voor nieuwe toestroom
De volwassenen die nog in Ceuta zijn, verblijven veelal op straat en in parken. Zij maken waarschijnlijk weinig kans op asiel, omdat de Europese Unie Marokko als veilig land beschouwt en aanvragen van Marokkaanse staatsburgers doorgaans afwijst.
Alleenreizende minderjarigen hebben wel recht op bescherming en kunnen mogelijk asiel krijgen. Vicepresident Kissy Chandiramani Ramesh van Ceuta noemt de situatie ernstig door het gebrek aan opvangplaatsen. "Het is hier heel problematisch, er is niet genoeg plek voor opvang. Dit is een aanslag op onze stad."
Chandiramani Ramesh zegt dat het stadsbestuur de Spaanse regering vooraf heeft gewaarschuwd voor een uitzonderlijke toestroom. Volgens haar vertrouwde de nationale regering erop dat Marokko de grens zou bewaken. Ceuta vreest dat een nieuwe massale oversteek de stad verder zal overbelasten.



