De Amerikaanse minister van het Leger, Dan Driscoll, heeft zijn ontslag ingediend. Witte Huis-woordvoerster Anna Kelly bevestigde zijn vertrek, maar gaf geen reden voor het besluit. Driscoll stond maandenlang op gespannen voet met minister van Defensie Pete Hegseth.
Kelly prees Driscoll wel om zijn werk binnen het ministerie. Volgens haar hielp hij de agenda van president Donald Trump uit te voeren en maakte hij het Amerikaanse leger samen met Trump en Hegseth sterker. Wanneer Driscoll precies vertrekt en wie hem opvolgt, is niet bekendgemaakt.
Nieuwe onrust in de legerleiding
Het vertrek volgt op meerdere veranderingen aan de top van de Amerikaanse krijgsmacht. Hegseth ontsloeg in april generaal Randy George, de hoogste militair van het Amerikaanse leger. George werd gezien als een bondgenoot van Driscoll.
Met het vertrek van Driscoll zijn er binnen het Amerikaanse leger geen leidinggevenden meer die door de Senaat zijn bekrachtigd. Dat vergroot de onzekerheid over de aansturing van de organisatie, die verantwoordelijk is voor de landstrijdkrachten van de Verenigde Staten.
Driscoll werd in februari 2025 benoemd tot minister van het Leger, in het Amerikaanse systeem de Army Secretary. Hij hield zich bezig met de training en uitrusting van militairen. Een Amerikaanse functionaris zei dat Hegseth Driscoll beschouwde als een bedreiging binnen het ambtelijke apparaat en hem al langere tijd wilde vervangen.
De banden van Driscoll met vicepresident JD Vance zouden dat volgens dezelfde functionaris hebben bemoeilijkt. De regering heeft niet bevestigd dat die verhouding een rol speelde bij het ontslag.
Driscoll kreeg buiten het Pentagon extra bekendheid toen Trump hem aanwees als deelnemer aan gesprekken met Rusland en Oekraïne over een mogelijk einde van de oorlog. Dat was een ongebruikelijke rol voor een minister van het Leger. Zijn betrokkenheid maakte hem een zichtbare vertegenwoordiger van de regering in de diplomatieke inspanningen rond het conflict.



