Wijngaard Hoog Beek en Rooyen in Zeist heeft vorig jaar ruim 4000 flessen wijn verkocht. Dat is het hoogste aantal sinds de oprichting in 2013. De wijngaard aan de Driebergseweg merkt dat het Nederlandse klimaat gunstiger is geworden voor wijnbouw.
In heel Nederland werden vorig jaar 1,5 miljoen flessen wijn geproduceerd. Dat blijkt uit cijfers van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en de Vereniging Nederlandse Wijn Producenten. In 2024 lag de productie op nog geen helft daarvan, vooral door nachtvorst en regen.
Bij de Zeister wijngaard werken ongeveer zestig vrijwilligers aan de druiventeelt. Hun werkzaamheden beginnen in januari met het snoeien van de ranken en lopen door tot de oogst in oktober. Hoog Beek en Rooyen verbouwt de druivenrassen johanniter en souvignier gris.
Voorzitter Wim Vermaak zegt dat de veranderende weersomstandigheden de teelt helpen. "Ons klimaat is zeker geschikter geworden voor wijnbouw. Daar zijn wij natuurlijk heel blij mee." Hij benadrukt dat klimaatverandering ook veel negatieve gevolgen heeft.
Oogst blijft afhankelijk van septemberweer
De opbrengst is nog altijd sterk afhankelijk van de omstandigheden in de maanden voor de pluk. Een woordvoerder van de Vereniging Nederlandse Wijn Producenten zegt dat de vooruitzichten gunstig zijn, maar dat langdurige regen in september schimmel kan veroorzaken. Daardoor kan een deel van de oogst verloren gaan.
Vrijwilligers beperken het aantal trossen aan iedere rank om de druiven goed te laten rijpen. Per plant blijven twee trossen hangen, de overige worden verwijderd. Voor de wijn is een goede verhouding tussen suiker en zuren nodig. Suiker draagt bij aan de vorming van alcohol, terwijl zuren zorgen voor frisheid en houdbaarheid.
De rijpheid wordt met meetapparatuur gecontroleerd. Na de oogst gaan de druiven uit Zeist naar Bentelo in Overijssel, waar Neerlands Wijmakerij de wijn produceert. De verkoopcijfers laten volgens Vermaak sinds 2013 een stijgende lijn zien. In 2024 werden nog ongeveer 700 flessen verkocht.



