Verpleeghuisbewoners verhuizen vaak al binnen vier maanden opnieuw

Per honderd verpleeghuisbewoners vinden jaarlijks gemiddeld 36 verhuizingen plaats. Die verhuizingen gebeuren vaak al binnen vier maanden na aankomst op de eerste locatie, blijkt uit landelijk onderzoek.

Een verpleeghuisbewoner rijdt in een rolstoel door de gang, terwijl twee zorgmedewerkers naderen
Een verpleeghuisbewoner rijdt in een rolstoel door de gang, terwijl twee zorgmedewerkers naderen · Beeld: Netgebeurd (AI-illustratie)

Veel ouderen die in een verpleeghuis terechtkomen, moeten daarna opnieuw verhuizen. Per honderd bewoners vinden jaarlijks gemiddeld 36 verhuizingen plaats. Vaak gebeurt dat al binnen vier maanden na aankomst op de eerste locatie.

Het is het eerste grote landelijke onderzoek naar verhuizingen van ouderen die in een verpleeghuis zijn opgenomen. Hoogleraar Hilde Verbeek van de Universiteit Maastricht leidde de studie. Zij schrok van de uitkomsten. „We hadden wel signalen dat dit gebeurde, maar dit aantal verhuizingen hadden wij niet verwacht.”

Volgens Verbeek ervaren cliëntenraden soms dat er met ouderen wordt gesold. „Als je het aan cliëntenraden vraagt, zullen zij zeggen dat het is alsof er met deze ouderen wordt gesold. Maar ouderen zijn geen pakketjes die je ronddeelt.”

Onzekerheid en verlies

Een verhuizing naar een andere afdeling of locatie is voor ouderen meer dan een praktische verandering. Verhuizingen kunnen gevoelens van onzekerheid, angst en verlies oproepen. Dat gebeurt vaak in een periode waarin bewoners nog moeten wennen aan hun nieuwe woonomgeving.

Ook kunnen zij het netwerk verliezen dat zij in het verpleeghuis hebben opgebouwd. Vriendschappen en andere sociale contacten gaan bij een verhuizing niet vanzelf mee naar de nieuwe plek.

De meeste verhuizingen komen voort uit regels of uit de zorg die op een andere afdeling of locatie beter kan worden geboden. Sommige bewoners hebben specialistische zorg nodig, waarvoor bijvoorbeeld andere financiering geldt. Ook gedragsproblemen kunnen aanleiding zijn om iemand opnieuw te plaatsen. Daarnaast verhuizen bewoners soms gezamenlijk naar een nieuw gebouw.

Bij individuele verhuizingen is volgens Verbeek de vraag of de verandering altijd in het belang van de oudere zelf is. „Een verhuizing is voor iedereen een ‘major life event’, maar helemaal in deze fase van je leven.”

Een betere voorbereiding kan een deel van de onrust voorkomen. Volgens Verbeek moet eerder worden gekeken of iemand nog thuis kan blijven. Dan is er meer ruimte om de stap naar een verpleeghuis rustig voor te bereiden en te bepalen welke plek het beste aansluit. Zo hoeft iemand niet vanuit een crisissituatie te worden opgenomen.

Als een verhuizing toch noodzakelijk is, kunnen zorgmedewerkers bewoners vooraf laten kennismaken met de nieuwe plek. Ook moeten zij ruimte bieden om gevoelens over de verhuizing te bespreken.

Lees ook