Van Weel onderzoekt mogelijk verbod op surveillance-apps

Minister David van Weel van Justitie en Veiligheid gaat met de Autoriteit Persoonsgegevens bespreken of surveillance-apps zoals mSpy verboden kunnen worden. Aanleiding is het gebruik van de app voor het bespioneren van (ex-)partners.

Minister David van Weel spreekt over een mogelijk verbod op surveillance-apps
Minister David van Weel spreekt over een mogelijk verbod op surveillance-apps · Beeld: Netgebeurd (AI-illustratie)

Minister van Justitie en Veiligheid David van Weel gaat met de Autoriteit Persoonsgegevens onderzoeken of surveillance-apps zoals mSpy verboden kunnen worden. Hij heeft dat dinsdag gezegd tijdens het vragenuur in de Tweede Kamer.

De minister wil laten beoordelen of dergelijke apps in strijd zijn met de wet en welke mogelijkheden er zijn om het gebruik ervan aan te pakken. Een besluit over een verbod is nog niet genomen. Het gesprek met de privacytoezichthouder moet eerst duidelijk maken welke juridische stappen mogelijk zijn.

Van Weel zei dat hij zich „rot geschrokken” is van het gebruik van mSpy. De app is bedoeld voor toezicht, bijvoorbeeld door ouders die het telefoongebruik van hun kinderen willen volgen. De software kan echter ook worden ingezet om (ex-)partners te controleren en te stalken.

Kamer vraagt om onderzoek

Meerdere Kamerleden hadden de minister gevraagd te onderzoeken of mSpy verboden kan worden. Zij deden dat nadat duidelijk was geworden dat de surveillance-app wordt gebruikt in situaties rond partnergeweld en stalking. De oproep richtte zich niet alleen op mSpy, maar ook op vergelijkbare toepassingen.

Surveillance-apps kunnen volgens de beschrijving van de kwestie toegang geven tot informatie op een telefoon. Daardoor kunnen gebruikers mogelijk inzicht krijgen in het gedrag of de communicatie van iemand anders. Het gebruik daarvan zonder medeweten of toestemming van die persoon kan ingrijpende gevolgen hebben voor de privacy.

De Autoriteit Persoonsgegevens houdt toezicht op de naleving van de privacywetgeving in Nederland. Van Weel wil de toezichthouder betrekken bij de beoordeling van de apps en hun gebruik. Daarna moet blijken of bestaande regels voldoende zijn of dat aanvullende maatregelen nodig zijn.

Vooralsnog gaat het om een onderzoek naar de juridische mogelijkheden. De minister heeft niet aangekondigd wanneer daarover een besluit wordt genomen.

Lees ook