Een tweede persoon in Nederland is overleden aan westnijlkoorts. Het gaat om een patiënt uit de provincie Utrecht die de infectie in Nederland opliep. Dat meldt het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM).
In het ziekenhuis liggen nog twee mensen met een westnijlinfectie. Het is niet bekendgemaakt of hun besmettingen ook in Nederland zijn ontstaan.
Besmettingen in Nederland
Het westnijlvirus werd dit jaar vastgesteld in de provincies Utrecht, Noord-Brabant en Zuid-Holland. Vorige week bleek dat een bloeddonor in Utrecht besmet was geraakt, zonder recent in het buitenland te zijn geweest. Daardoor ging het RIVM ervan uit dat de infectie in Nederland was opgelopen. Het is niet duidelijk of die bloeddonor dezelfde persoon is als de patiënt die is overleden.
Begin augustus overleed ook een vrouw uit Drenthe, waarschijnlijk door een besmetting met het westnijlvirus. Zij had het virus opgelopen tijdens een vakantie in Zuidoost-Europa en kreeg daar haar eerste klachten.
Het virus komt voor bij vogels en wordt verspreid door de gewone huissteekmug. Via muggen kan het virus ook paarden en mensen besmetten. Mensen en paarden kunnen het virus niet verder overdragen.
Meestal geen klachten
Ongeveer 80 procent van de mensen die besmet raken, krijgt geen symptomen. Bij circa 19 procent leidt de infectie tot westnijlkoorts, met klachten die lijken op griep. Ongeveer 1 procent krijgt neurologische klachten, zoals een ontsteking van de hersenen of het hersenvlies.
Ernstige ziekte komt dus weinig voor, maar kan wel dodelijk aflopen. Het RIVM benadrukt dat muggen naast het westnijlvirus ook andere virussen kunnen verspreiden, waaronder dengue.



