Rechtbank legt alsnog dwangsommen op in toeslagenherstel

De rechtbank Midden-Nederland verplicht Dienst Toeslagen in drie zaken binnen 66 weken te beslissen over werkelijke schade. Bij overschrijding moet de dienst €50 per dag betalen, tot maximaal €15.000.

Boeken op tafel in een bibliotheek
Boeken op tafel in een bibliotheek · Beeld: Netgebeurd (AI-illustratie)

De rechtbank Midden-Nederland heeft Dienst Toeslagen in drie zaken een beslistermijn van 66 weken opgelegd voor besluiten over de vergoeding van werkelijke schade. Wordt die termijn niet gehaald, dan moet de dienst een dwangsom van €50 per dag betalen. Het totale bedrag kan oplopen tot €15.000 per ouder.

Daarmee kiest de rechtbank voor een andere aanpak dan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Die oordeelde eerder dat dwangsommen in de vastgelopen hersteloperatie niet helpen om besluiten sneller te laten nemen. De hoogste bestuursrechter zag daarom af van zo'n financiële prikkel.

Geen mogelijkheid om dwangsom weg te laten

De rechtbank erkent dat de besluitvorming bij Dienst Toeslagen grote problemen kent. Ook stelt zij vast dat eerder opgelegde termijnen vaak niet worden gehaald. Toch kan een bestuursrechter bij zaken over het uitblijven van een besluit volgens de rechtbank niet besluiten om geen dwangsom op te leggen.

Zonder deze maatregel houden ouders volgens de rechtbank geen middel over om uitvoering van een rechterlijke uitspraak af te dwingen. Dat raakt aan het uitgangspunt dat overheidsorganen rechterlijke beslissingen moeten naleven. De rechtbank betwijfelt bovendien of het schrappen van dwangsommen ertoe leidt dat minder ouders een procedure beginnen.

Ouders stappen volgens de rechtbank vooral naar de rechter omdat zij duidelijkheid willen over wanneer een besluit volgt. De rechtbank ziet de opgelegde termijn daarom als een vorm van houvast, ondanks de grote achterstanden bij de dienst.

Termijn gebaseerd op huidige doorlooptijden

De Raad van State had in maart 2025 voor andere besluiten binnen de hersteloperatie een termijn van 60 weken vastgesteld. Die termijn bleek niet uitvoerbaar. In juni bepaalde de Raad van State vervolgens dat opnieuw de gebruikelijke termijn van twee weken na een rechterlijke uitspraak geldt, maar zonder dwangsom.

De rechtbank Midden-Nederland acht ook die standaardtermijn niet passend bij de huidige situatie. Zij baseert de termijn van 66 weken op de beschikbare informatie over de doorlooptijden bij Dienst Toeslagen. Die periode begint nadat de wettelijke beslistermijn van 52 weken is verstreken.

De rechtbank noemt het uitzonderlijk om af te wijken van de lijn van de hoogste bestuursrechter. Zij wijst er wel op dat na de toeslagenaffaire meer ruimte is gevraagd voor tegenspraak, dialoog en het benoemen van knelpunten in de rechtsbescherming.

Lees ook